Maleisië en Borneo (Sarawak)
Borneo (Sarawak)
Kuching
Kuching is de hoofdstad van de deelstaat Sarawak op Maleisisch Borneo. Het is de grootste stad in Sarawak met ruim 600.000 inwoners. Veel reisbrochures verwijzen naar Kuching als 'cat city'; omdat het woord Kuching in Bahasa 'kat' betekent. Grappig genoeg is dit in Bahasa Indonesia; in de Maleise taal heeft men een ander woord voor kat. Ondanks dat heb je er een kattenmuseum, diverse beelden met katten op rotondes en kruispunten in het centrum, en is de kat het symbool voor de stad geworden. Kuching heeft een grote Chinees-Maleisische bevolkingsgroep, waardoor de stad over het algemeen Chinees aandoet (vergelijkbaar met Georgetown op het eiland Penang). De stad wordt beschouwd als een van de schoonste steden in Maleisië en werd ooit verkozen tot een van 's werelds meest gezonde steden om in te wonen. Kuching heeft diverse leuke attracties en bezienswaardigheden en vormt tevens de toegangspoort tot diverse toffe attracties in Sarawak.
Bako National Park
Bako Nationaal Park is het oudste en één van de kleinste nationale parken in Sarawak. Het park ligt op ongeveer 37 km van de stad Kuching; wat het een makkelijk te bereiken park maakt. Eén van de hoogtepunten van het park zijn de neusapen (Probiscus). Elke avond begeven ze zich naar de rivieroever om voedsel te verzamelen en om zich voor te bereiden op de nacht. Ze slapen meestal hoog in de bomen langs de rivieroevers. Omdat Bako een klein natuurpark is, heb je een grote kans om de prachtige aapsoort te zien tijdens een bezoek.
Een ander uniek kenmerk van Bako NP zijn de zeven complete ecosystemen; strand vegetatie, klif vegetatie, heidebos, mangrovebos, gemengd dipterocarpbos (laaglandbos), weiland vegetatie en veenmoerasbossen.
De weg naar het park is al een hele ervaring. De enige manier om het hoofdkwartier van het park te bereiken is met een boot over de schilderachtige Santubong Rivier (het laatste stuk over de Zuid-Chinese Zee). Je kunt soms zelfs een zee-krokodil langs de oever zien liggen aangezien deze in de rivieren en mangroven leven.
Wildlife in Bako NP
Eén van de hoofdredenen van een bezoek is voor velen de kans om de ernstig bedreigde Probiscus (neusaap) van dichtbij te zien. De aapsoort komt veelvuldig voor in het nationale park en vaak zie je een hele familie in de toppen van de bomen zitten. Om ze te spotten hoef je niet eens ver te wandelen, want er wonen een aantal families in de directe omgeving van Park HQ. Er zijn verder een paar korte wandelroutes waarbij je ook een grote kans hebt ze te spotten.
Je hebt nog diverse andere aapsoorten in het natuurpark. De Silvered-leaf aap (Silvery lutung) is een bijzondere soort, die je vaak langs de kust in de mangroves tegenkomt. Ook hier zie je vaak weer hele families inclusief diverse kleintjes. Ook heb je veel ‘standaard’ langstaart makaken. Die worden over het algemeen als wat minder schattig ervaren, omdat ze soms nogal agressief kunnen zijn naar toeristen. Houd bij een ontmoeting met de langstaart makaken altijd je spullen in de gaten; ze staan erom bekend er in een handomdraai met je spullen vandoor te gaan.
Binnen Bako NP heb je verder tientallen slangensoorten waarvan de meeste niet giftig zijn, diverse spinnensoorten, veel soorten kikkers en padden, en ook families met wilde zwijnen (bearded pigs). Je kunt het geluk zelfs hebben er een familie otters te spotten. Overigens is de Wagler’s pit viper de enige giftige slang die veelvuldig in het gebied voorkomt. De gidsen weten meestal wel waar de kans op het spotten van deze slangensoort het grootst is.
Semenggoh orang-oetan rehabilitatiecentrum
Het Semenggoh Wildlife Centrum is het grootste orang-oetan rehabilitatiecentrum in Sarawak; opgericht in 1975 als een opvangcentrum voor de gewonde en wees geworden orang-oetans. Samen met Sepilok Orangutan Rehabilitation Centre in Sabah is dit de bekendste rehabilitatiecentra die toeristen kunnen bezoeken. Toeristen moeten niet de vergissing maken om zowel Semenggoh en Sepilok te verwarren met een toeristenattractie als een dierentuin; beide wildlife centra moeten tegelijkertijd orang-oetans rehabiliteren als bezoekers onderwijzen. Dat gezegd hebbende; niets gaat boven een ontmoeting met een wilde orang-oetan tijdens een jungletocht in één van de nationale parken in Borneo.
Batang Ai National Park
Batang Ai National Park maakt deel uit van het grootste transnationale beschermde gebied van de regio voor het behoud van tropisch regenwoud. Het 24 m² kilometer grote park grenst aan het Lanjak-Entimau Wildlife Sanctuary in Maleisië en het Bentuang-Karimun National Park in Indonesië. Samen beslaan deze volledig beschermde gebieden bijna 10.000 m² kilometer en vormen ze een toevluchtsoord voor een van de weinige levensvatbare orang-oetanpopulaties in Borneo (naar schatting meer dan 1.000 dieren) en vele andere bedreigde diersoorten. Om instandhoudingsredenen is Batang Ai National Park het enige deel van dit gebied dat open is voor bezoekers, maar aangezien het de hoogste populatiedichtheid van orang-oetans heeft in centraal Borneo (tot 1,7 dieren per m² kilometer), is er een goede kans om wilde dieren, zoals de orang-oetan te zien. Het zien van orang-oetans moet echter als een bonus worden beschouwd en niet als een gegarandeerde ervaring.
Westelijk Schiereiland
Cameron Highlands
Eén de van meest bezochte bestemmingen van Maleisië en vaak een absoluut hoogtepunt van een vakantie door het land zijn de koele Cameron Highlands. Hier geen Aziatische hectiek, geen grootschalige hotels of resorts. In plaats daarvan natuur, prachtige vergezichten en theevelden tot zover het zicht reikt. Voor veel reizigers een fijne afwisseling na snikhete steden, eilanden en stranden en de vochtige jungles. Tijd voor typisch Britse scones, natuurlijk met verse aardbeien uit de streek en een dot slagroom. Je zult niet de eerste zijn voor wie dit het ultieme ontbijt is in deze schitterende hooglanden.
Cameron Highlands is een hooglandvlakte op ongeveer 150 kilometer ten noorden van Kuala Lumpur, maar waar je door de kronkelige bergweggetjes makkelijk 4 uur of langer over doet om er te komen. De dichtstbijzijnde stad is Ipoh dat zo’n 20 kilometer ten westen van de Highlands ligt. Door de hoge ligging is het er met gemiddeld zo’n 22 graden flink koeler dan in de rest van Maleisië. ’s Nachts kan het er zelfs tot wel 10 graden afkoelen, heerlijk fris dus.
De hooglandvlakte is vernoemd naar William Cameron, een Britse expeditieleider. Hij ontdekte de locatie tijdens een expeditie in 1885. Vanaf dat moment groeide Cameron Highlands uit tot een populaire bestemming onder de Britse kolonisten, die hier de hitte in de rest van het land even konden ontvluchten. Door het perfecte klimaat kon men er verder goed thee en andere gewassen verbouwen, waardoor de regio uitgroeide tot de grootste theeplantage van het land.
Nog steeds wordt het gebied gekenmerkt door uitgestrekte theevelden. De lokale bevolking komt er graag om de hitte te ontvluchten en om mooie wandelingen te maken. Naast de theevelden heb je er ook nog diverse andere bezienswaardigheden zoals een Butterfly farm, aardbeienplantages, rozentuinen, de Chinese Sam Poh tempel, een cactusvallei en groentetuinen. Wij komen er zelf vooral voor de schitterende uitzichten over de theevelden, het fijne klimaat en het heerlijke eten.
Verse aardbeien
In Cameron Highlands heb je verder veel aardbeienplantages, waar je heerlijk verse aardbeien kunt kopen. Aanraders zijn Raju Hill Strawberry Farm, Big Red Strawberry Farm en Time Tunnel Strawberry Farm. Bij een aantal van deze boerderijen mag je zelf aardbeien plukken.
Kuala Lumpur
Kuala Lumpur is de bruisende hoofdstad van Maleisië en in de volksmond ook wel KL genoemd. Het is gelegen op het schiereiland en ligt zo’n 40 kilometer van de kust in de deelstaat Selangor en valt onder het federale bestuur.
De stad heeft bijna 1,8 miljoen inwoners en kenmerkt zich door een grote diversiteit aan stedelijke bebouwing; van oude koloniale bebouwing, Chinatown en Little India tot de moderne en vooral hoge gebouwen die sinds de jaren negentig van de twintigste eeuw het stadsaanzicht bepalen.
"Kuala Lumpur" betekent zoveel als "modderige samenloop van rivieren" en vormt een zogenaamde Rode Delta. De aanwezigheid van tin nabij de samenkomst van de rivieren Gombak en Kelang was rond 1860 aanleiding voor het opzetten van een nederzetting. Al snel groeide Kuala Lumpur uit tot een smeltkroes van Aziatische culturen en in 1896 werd de amper veertig jaar oude stad uitgeroepen tot hoofdstad van de opgerichte Gefedereerde Malay Staten. Tussen 1913 en 1957 stond de stad, net als de rest van het land, onder Brits bestuur. Overblijfselen uit dit koloniale tijdperk zijn nog overal te vinden. Maleisië is een federatie van sultanaten en Kuala Lumpur bevindt zich in de "Federal Territory", de federale hoofdprovincie. De stad groeit en ontwikkelt zich in hoog tempo.
Kuala Lumpur is een redelijk schone stad, het zit qua mate van hygiëne grofweg tussen Singapore en Bangkok (of Jakarta) in. Vooral het toeristencentrum is vrij schoon en opgeruimd. Er zijn echter plekken in de stad waar je liever nooit had willen zijn, zo vies dat het er is. Wijk even af van de gebaande paden en je merkt snel dat ook Kuala Lumpur een stad in te tropen is; met alle nadelen van dien (kijk niet vreemd op als je kakkerlakken en ratten over straat ziet lopen).
Ondanks de zeer prettige verhoogde voetgangersbrug in het centrum van de stad is Kuala Lumpur geen stad voor voetgangers en je moet altijd zeer alert zijn op gevaarlijke situaties wanneer je langs drukke wegen loopt. De stad blinkt ook niet uit qua rolstoelvriendelijkheid; hoewel je in het stadscentrum op zich best mobiel kunt zijn in een rolstoel. Kuala Lumpur is een relatief veilige stad. Net als voor elke andere wereldstad geldt dat je geen dingen moet doen die je ook in Nederland zou laten. In het holst van de nacht door kleine steegjes wandelen is bijvoorbeeld een slecht plan. In de avond langs een drukke weg lopen moet prima kunnen. Let wel altijd op zakkenrollers en tasjesdieven; het zijn vooral de brommertjes die stilletjes op je af komen rijden om vervolgens je tas, telefoon of camera te stelen (soms met grof geweld dus wees gewaarschuwd).
Malakka
Malakka is een populaire toeristische bestemming aan zee langs de westzijde van het schiereiland Maleisië. De stad ligt op zo'n 3 uur rijden van Kuala Lumpur, en op 4 uur rijden vanaf Singapore. Er wonen ruim 800.000 mensen (inclusief buitenwijken) en de stad is vooral bekend om het prachtige historische centrum. In 2008 werd Malakka, samen met Georgetown op het eiland Penang, tot UNESCO World Heritage Site uitgeroepen. Sindsdien is het toerisme naar de bestemming explosief gestegen.
Malakka is rond 1400 gesticht door een voormalige prins uit Sumatra die tijdens een vluchtpoging in het gebied rond het huidige Malakka terecht kwam. Malakka bleek een zeer goede strategische ligging te hebben, en niet lang na de stichting startte de toeloop van handelsschepen uit India en China. Malakka groeide in die tijd uit tot één van de belangrijkste handelscentra in het huidige Zuidoost-Azië. In 1511 zette de Portugese handelaren voor het eerst voet op de bodem van Malakka; om er zich vervolgens permanent te vestigen. In 1641 gaven de Portugezen hun machtsstrijd (en oorlog) met de Nederlanders op; en vanaf die periode viel Malakka onder Nederlands bestuur. Pas jaren later kregen de Engelsen het er voor het zeggen (nadat Nederland de regio met de Engelsen ruilde voor delen van Indonesië). De Engelse overheersing duurde tot 1957; toen werd Maleisië opgericht en ging Melaka als semi-zelfstandige provincie verder.
De stad heeft diverse mooie bezienswaardigheden; die de eeuwenoude geschiedenis van de stad duidelijk weergeeft. Nederland heeft in het verleden een flinke stempel gedrukt op het stadje. Zo heb je er bijvoorbeeld de St. Paul's Church; eerst een kerk voor de Portugezen, later een begraafplaats tijdens de Nederlandse bezetting. Porta de Santiago werd ooit door de Portugezen gebouwd als burcht ter bescherming tegen aanvallen van de Nederlanders. Er is niet heel veel van overgebleven na de diverse oorlogen, maar de ingang is nog wel overeind gebleven. De Nederlandse gouverneur liet het Stadthuys bouwen, een prachtig gebouw met duidelijke Nederlandse trekjes. Naast het Stadthuys staat de Christ Church, waar je nog meer duidelijk de Nederlandse bouwstijl van die tijd in terug ziet komen. Andere bekende plekken in Malakka zijn Jonker Street, Bukit China, Kampung Keling Moskee, Cheng Hoon Teng tempel, de Portugese settlements en de scheve St. Francis Xavier's Church.
Malakka heeft diverse schitterende attracties, maar locals komen er vooral voor het heerlijke eten. Hou je van cultuur, gezelligheid en heerlijk Aziatisch eten; dan mag je een bezoek aan Malakka niet overslaan.
Weetje:
Malakka is het centrum van de Peranakan cultuur. Toen Chinese migranten als mijnwerkers en handelaren in de regio vestigden, trouwden ze met lokale bruiden en namen ze als gevolg veel lokale gebruiken over. De mannen werden Babas genoemd, en de vrouwen Nyonyas. Het resultaat is een mix van lokale en Chinese gebruiken, die steeds meer een eigen bevolkingsgroep vormden en nu bekend zijn onder de naam Peranakan of Baba Nyonya. Penang (vooral Georgetown) is een andere plek waar de Peranakan cultuur duidelijk aanwezig is.
Penang
Penang, ook wel de Parel van de Oriënt genaamd, is al jaren één van de meest toeristische bestemmingen van Maleisië. Voor Maleisische begrippen is het eiland toeristisch, maar vergeleken met Europese eilanden valt het reuze mee. Het eiland (285 m² kilometer groot) ligt aan de noordwestzijde van het Maleisische schiereiland. Op het eiland zijn veel attracties en bezienswaardigheden, maar ook luieren aan de mooie stranden is prima mogelijk. In tegenstelling tot alle andere eilanden van Maleisië is Penang via twee enorme bruggen te bereiken.
Op Penang wonen ongeveer 1,2 miljoen mensen, waarvan 59% van Chinese afkomst is, 32% Maleis en verder 7% van Indiase afkomst (2% van overige afkomst). Penang kent een bewogen geschiedenis, dat geeft het aantal bevolkingsgroepen op het eiland duidelijk aan. In het verre verleden had Penang een belangrijke waarde voor veel handelaren en piraten. Het eiland is nu vooral populair vanwege de culturele hoogtepunten, de vele attracties, het heerlijke eten en de moderne shopping malls.
Mede door de eerder genoemde bevolkingsopbouw is Penang vooral bekend om de prachtige culturele diversiteiten. Omdat het grootste gedeelte van de bevolking op Penang Chinees-Maleisisch is, doet het hele eiland 'Chinees' aan. Hierdoor heeft het eiland iets 'typisch Aziatisch', wat je in de rest van Maleisië bijna nergens zo duidelijk tegenkomt. Penang is een fantastische bestemming, en absoluut een bezoek waard. Niet zozeer om de mooie stranden, maar des te meer om de prachtige smeltkroes van culturen. Georgetown is de bruisende hoofdstad van het eiland Penang. Hier heb je diverse tempels van verschillende geloven. Ook heb je er mooie musea zoals het Peranakan museum. Tijdens Chinees Nieuwjaar is Penang werkelijk schitterend om te zijn. Overal heb je vieringen, en er wordt dag en nacht prachtig vuurwerk afgestoken. De tempels zijn allemaal prachtig verlicht, en iedereen komt er 's avonds op af. Als je één bestemming in Maleisië zou moeten bedenken waar je absoluut wilt zijn tijdens Chinees Nieuwjaar, dan is het Georgetown op het eiland Penang.
Georgetown
Georgetown, de hoofdstad van het eiland Penang, is vernoemd naar de Britse Koning George III. De stad ligt aan de noordoostzijde van het eiland en telt, inclusief buitenwijken, zo'n 720.000 inwoners. Nadat Penang in 1786 door de sultan van Kedah werd overgedragen aan de Engelsen, stichtte Sir Francis Light de stad Georgetown. Hij begon als eerste met de bouw van Fort Cornwallis. Later groeide deze eerste nederzetting uit tot een (voor die tijd) grote stad. In 1957 kreeg Georgetown stadsrechten, tot 1972 was het de enige stad in Maleisië met stadsrechten.
De stad is een goed voorbeeld van de multiculturele samenleving in Maleisië, Georgetown telt veel verschillende bevolkingsgroepen. In de stad wonen voornamelijk Chinezen, iets dat je duidelijk terugziet in het dagelijkse leven. Zit je in de taxi met een Maleise chauffeur, dan heeft hij het waarschijnlijk over de Maleisische Chinezen. Andersom heeft een Chinese taxichauffeur het al snel over de Maleise bevolkingsgroep.
De stad wordt gekenmerkt door koloniale bouwstijlen, de Engelsen hebben in hun tijd een flinke stempel gedrukt op de bouw van Georgetown. De stad is niet een moderne metropool als Kuala Lumpur. Sommige wijken zijn redelijk modern, andere ouderwets. Georgetown kun je vergelijken met zo'n typische en hectische Aziatische stad, je merkt er dat authentieke Aziatische sfeertje duidelijk.
Georgetown is opgebouwd in wijken. Zo heb je er een Chinese wijk (China Town) en ook de kleurige wijk Little India. Verder heb je er een business district (zakenwijk). Het centrum van Georgetown werd in 2008 uitgeroepen tot UNESCO World Heritage Site (samen met het historische centrum van Malakka). In het centrum zie je vooral veel typische Chinese shoplots die het hele centrum een kleurrijk karakter geven. Eén van de leuke activiteiten op Penang is een dagtochtje door Georgetown. Dit kan te voet doen of met een trishaw, maar je kunt ook alle bezienswaardigheden met de taxi bezoeken.
Langkawi
Langkawi is de meest noordelijk gelegen eilandengroep aan de westzijde van het schiereiland Maleisië. Het is een schitterend tropisch eiland, met prachtige stranden en een spectaculair binnenland. De eilandengroep bestaat uit het hoofdeiland Langkawi en bijna 100 kleine omliggende eilandjes waarvan er maar een paar permanent bewoond zijn. Het eiland ligt zo'n 30km uit de kust en valt binnen de deelstaat Kedah. Langkawi is 479 m² kilometer groot en in 2007 werd het tot UNESCO Geopark verklaard. Het telt zo'n 100.000 inwoners, waarvan het merendeel in het hoofdstadje Kuah woont. De rest van de bevolking woont verspreid over een aantal kleine dorpjes en rondom een flink aantal resorts.
Langkawi ligt dicht bij de grens met Thailand, je vaart in 30 minuten met de boot naar Satun. Verder ligt het bounty eiland Koh Lipe maar op zo'n 45 minuten varen met de boot.
De meeste inwoners van het eiland zijn van Maleise komaf (zo'n 90%). Daarnaast heb je er - in tegenstelling tot het buureiland Penang (waar de meerderheid Chinees is) - een kleine Chinese en Indiase community (Maleisisch).
De eilandengroep kenmerkt zich door mooie heuvels, valleien, bergen, jungle, prachtige ongerepte stranden, watervallen, rijstvelden en authentieke dorpjes. In tegenstelling tot Penang is Langkawi een relatief rustig eiland. Voor gezellige avonden zal je over het algemeen gewoon bij je hotel of resort blijven en als je er komt voor drukke marktjes, winkels en ander vertier (gericht op toeristen), dan kom je bedrogen uit. Het wat drukkere toeristische centrum bij Pantai Cenang bevat wel diverse leuke restaurantjes en barretjes. Het eiland heeft een prachtige natuur, met een schat aan interessante bezienswaardigheden.